5 tips voor het doseren
van informatie

5-tips-doseren-informatie
Hoe kun je ervoor zorgen dat een lezer tot het einde van je boek geboeid blijft? Een van de mogelijkheden is door spanning te creëren. Begrijp me niet verkeerd: dat hoeft zeker niet altijd over bloederige moorden te gaan.

Spanning kan o.a. ontstaan doordat je de lezer nieuwsgierig houdt. Bijvoorbeeld door niet meteen op alle vragen die je verhaal oproept alle antwoorden te geven. Daarom gaan we in deze blog jouw verhaal onder de loep nemen.

5 tips voor het doseren van informatie:

  1. Welke vragen roept je verhaal op bij de personages?

Kijk vanaf een afstandje naar je verhaal. Als je jouw belangrijkste verhaallijnen onder de loep neemt, wat zijn dan de vragen die gedurende het verloop van je boek moeten worden beantwoord voor de personages?

Maak van deze vragen een lijstje.

Bijvoorbeeld voor mijn boek ‘Fatale keuzes’: wie heeft persoon X vermoord en waarom, houdt persoon Y ook van mij (Emily), hoe kan ik (Emily) het beste omgaan met het gedrag van persoon Z?

In het geval van de moord zouden zowel de personages als de lezer dit graag willen weten. Dit hoeft echter niet altijd het geval te zijn.

  1. Welke vragen roept je verhaal op bij de lezer?

Net even anders kunnen de vragen zijn die je verhaal oproept bij de lezer. Bijvoorbeeld omdat er informatie is die de personages al weten maar de lezer nog niet.

Dit kan het geval zijn omdat het gegeven de hoofdpersoon zelf aangaat (zoals bij zijn/haar levensgeschiedenis, trauma’s, relationele verhoudingen etc.) of omdat hij/zij er vóór de start van het verhaal al achter is gekomen.

Maak van deze vragen een lijstje.

Voorbeeld ‘Fatale keuzes’: wie is er vermoord, wat is er in het verleden gebeurd tussen de hoofdpersonages, wat doet Emily met de informatie die ze ontdekt over de vader van haar huisgenoot, hoe verhoudt de verhaallijn uit 1995 zich tot de verhaallijn uit 2017, wie is de dader van de moord, wordt de dader gepakt etc.?

Deze lijst is waarschijnlijk langer dan die van de vragen voor de personages, omdat zij vrijwel altijd meer voorkennis zullen hebben. Als lezer begin je met een (grotendeels) schone lei, tenzij het natuurlijk om een serie gaat waarin je de hoofdpersoon steeds beter leert kennen.

  1. Op welke punten (in het verhaal of daarvoor) krijgen de hoofdpersonages antwoorden op deze vragen?

Niet elk personage hoeft natuurlijk op hetzelfde moment dezelfde informatie te krijgen. Misschien zijn er dingen die personage X allang weet (of die over hem/haar gaan), terwijl het voor personage Y nieuw is.

Maak een lijstje in chronologische volgorde waarin je aangeeft welk personage wanneer waar achter komt.

Een dergelijk overzicht is handig voor jezelf voor tijdens het schrijven, maar het kan ook interessant zijn om over na te denken vanwege het verloop van je verhaal. Zo kan het bijvoorbeeld spanningen tussen personages veroorzaken wanneer persoon X iets wel al weet maar persoon Y nog niet. Ga je dit in je scènes verwerken en zo ja, hoe?

Voorbeeld ‘Fatale keuzes’: Emily ontdekt bepaalde zaken over de vader van haar huisgenoot en later ook nog over het verleden van een van haar vrienden – moet ze hen en/of anderen hierover vertellen? Zo ja, hoe kan ik dit op een interessante manier doseren gedurende mijn verhaal?

  1. Op welk punt in het verhaal krijgt de lezer antwoorden op deze vragen?

En dan is daar weer de lezer. Dat de hoofdpersoon achter cruciale informatie komt, betekent niet per se dat de lezer daar tegelijkertijd van op de hoogte hoeft te worden gebracht. Je kunt de lezer net zo goed teasen met het feit dat er iets wordt ontdekt zonder te zeggen wat dat precies is.

Maak een lijstje waarin je aangeeft wanneer de lezer waar achter komt.

Stel jezelf vragen zoals:

  • Welke informatie uit het karakterprofiel dat je voor je personages hebt gecreëerd, zijn interessant voor de lezer en welke alleen voor jezelf als auteur? (Je hoeft het uiterlijk van je personages bijv. niet van top tot teen te beschrijven zodra ze voor het eerst in beeld verschijnen.)

  • Is het per se nodig voor de lezer om vanaf hoofdstuk 1 exact te weten welk trauma de hoofdpersoon in het verleden heeft opgelopen? Of is het genoeg om slechts te hinten naar een beschadiging zonder dit meteen te benoemen?

  • Moeten we direct al weten hoe de onderlinge relaties tussen alle personages zijn (vriendschappelijk, amoureus, vijandig, jaloers)?

  • Wat is het belangrijkste antwoord dat je tijdens je verhaal wilt geven? Ga je dit bewaren tot de ontknoping of is het nodig om dit al eerder te onthullen?

  • Kunnen flashbacks of flashforwards interessant zijn om de lezer iets langer in spanning te houden?

Voorbeeld ‘Fatale keuzes’: door gebruik te maken van flashbacks onthul ik o.a. details over de onderlinge relaties tussen de personages en over zaken die in een verder verleden zijn gebeurd maar die invloed hebben op het heden.

  1. Voorkom te veel herhaling bij het geven van informatie.

Wanneer een personage al even niet in beeld is gekomen, kan het prettig zijn om de lezer eraan te helpen herinneren wat de relatie van deze persoon is t.o.v. de hoofdpersoon. Bijvoorbeeld: ‘Voor haar stond Annie. Haar buurvrouw had een gigantisch pakket in haar armen.’

Wat je echter niet wilt, is informatie constant dubbelop geven. Bijvoorbeeld door een gegeven eerst te beschrijven en het er daarna in een dialoog over te hebben.

Twee overdreven voorbeelden:

  • Voor haar stond Annie in een felgekleurde bloemenjurk. ‘Annie, wat heb je een mooie felgekleurde bloemenjurk aan!’

  • Voor haar stond Annie, met tranen in haar ogen. In haar handen had ze een doos tissues. ‘Ach Annie, ben je verdrietig?’

(Dit laatste voorbeeld heeft overigens ook weer met show, don’t tell / vertonen versus vertellen te maken.)

Dit onnodig herhalen kan zowel betrekking hebben op kleine zaken, zoals het beschrijven van het uiterlijk van een personage, als op grotere dingen, zoals uitleg geven over gebeurtenissen uit het verleden.

Het makkelijkst is het om te wachten tot een onderwerp vanzelf ter sprake komt tussen personages. Bijvoorbeeld omdat Annie met tranen in haar ogen verschijnt en daarna vertelt dat haar vriend hun relatie heeft verbroken.

Voorbeeld ‘Fatale keuzes’: Emily’s vader is tijdens zijn werk als rechercheur om het leven gekomen. Dat Emily geen vader meer heeft, was gemakkelijk om te benoemen toen de vader van haar huisgenoot op het toneel verscheen, omdat een vergelijking met haar eigen situatie natuurlijk snel was gemaakt.

Plan jij van tevoren hoe je belangrijke informatie gedurende je verhalen doseert of bepaal je dit pas tijdens het schrijven?

Deel het in de besloten Facebookgroep van BackWords.